Inburgeringswet zadelt nieuwkomer met hoge schuld op

Nederland is veel harder voor inburgeraars dan andere landen, schrijven migratiewetenschappers Ricky van Oers en Kees Groenendijk (Radboud Universiteit) en Betty de Hart (Vrije Universiteit).

Gemeenten hebben zorgen over de uitvoering van de nieuwe Wetinburgering die op 1 januari 2022 in werking trad. Dat knelpunten zo vroeg aan het licht komen, mag geen verrassing heten: de nieuwe wet is complexer dan de oude. En de oude wet was in Europa al de meest complexe en duurste in de uitvoering, met een plicht om te slagen voor het inburgeringsexamen en boetes en sancties op verblijfsrechten als men niet tijdig inburgerde.

De nieuwe wet is ook strenger: inburgeraars moeten een hoger taalniveau halen. Inburgeren wordt daardoor duurder. Dat heeft gevolgen voor de gezinsmigranten onder de inburgeraars. In tegenstelling tot asielstatushouders moeten zij hun inburgering zelf betalen. Geen enkel ander Europees land laat de kosten van integratiecursussen en -examens volledig voor rekening komen vaneen grote groep nieuwkomers.

De financiële druk die het tijdig voldoen aan de inburgeringsplicht met zich meebrengt, valt moeilijk te onderschatten. Inburgeraars leenden hiervoor onder de oude wet gemiddeld ruim 5000 euro. Onder die wet werden circa 8000 boetes opgelegd – ook uniek in de EU. Op sommigen werd een deurwaarder afgestuurd. Door de verhoging van het niveau zullen inburgeraars meer moeten lenen en vaker boetes krijgen.

800 uur taalles

Inburgeraars van wie bij voorbaat wordt ingeschat dat ze het niveau niet zullen halen, kunnen de zogeheten Z-route te volgen. Voor de gezinsmigranten onder hen betekent dit dat zij 800 uur taalles moeten volgen. De kosten worden geschat tussen de 7500 en 10.000 euro. De financiële druk voor inburgeringsplichtige gezinsmigranten blijft zo onverminderd hoog.

Vorige maand werd bekend dat het Rijk 9,5 miljoen euro vrijmaakt voor inburgering. Dit gaat naar innovaties van het proces, opleiding van personeel en extra menskracht. Het wordt dus gebruikt om problemen op te lossen die de overheid zelf veroorzaakte met complexe wetgeving.

De nieuwkomer die door de Wet inburgering wordt verplicht duizenden euro’s te lenen, heeft hier weinig aan. Zou het gedwongen aangaan van een hoge schuld bijdragen aan een goede start in de Nederlandse samenleving? De introductie van een complexer, strenger en duurder wettelijk systeem roept de vraag op in hoeverre de wetgever zich echt bekreunt om de integratie van nieuwkomers. Met de herinnering aan de toeslagenaffaire is dat een schrijnende constatering.

Dit artikel verscheen eerder in Trouw.

Ricky van Oers en Kees Groenendijk zijn migratiewetenschappers aan de Radboud Universiteit. Betty de Hart is migratiewetenschapper aan de Vrije Universiteit.

Houd me op de hoogte

Blijf op de hoogte en ontvang informatiemails over nieuwe cursussen en inspirerende columns & kennisclips op uw vakgebied.

Aanmelden